Zorginstituut Nederland

Een van de taken van het Zorginstituut is het adviseren van de overheid over de inhoud en omvang van het wettelijk verzekerde zorgpakket.

“Bij het adviseren over een passend pakket betrekt het Zorginstituut aspecten als noodzakelijkheid, kwaliteit van leven, (kosten)effectiviteit en de toepassing in de praktijk. Het Zorginstituut vindt het daarom belangrijk om belanghebbenden bij het pakketbeheer te consulteren. Hun kennis en ervaring is vaak van grote waarde voor onze adviezen. Onze adviezen en standpunten worden getoetst door verschillende commissies: de Wetenschappelijke Advies Raad en de Adviescommissie Pakket”.

Standpunt Zorginstituut Post-treatment Lyme disease syndrome (PTLDS)
De centrale vraag m.b.t. dit standpunt is of langdurige behandeling met antibiotica bij Post-treatment Lyme disease syndrome (PTLDS) voldoet aan het criterium ‘de stand van de wetenschap en praktijk’, en daarmee of deze behandeling bij deze indicatie onder de basisverzekering van de Zorgverzekeringswet valt.
Standpunt Zorginstituut Post-treatment Lyme disease syndrome (PTLDS)

Ingenomen standpunt STZ en NVLP naar aanleiding van de consultatie door Zorginstituut Nederland
De NVLP en STZ vinden dat vergoeding van langer durende antibiotica- behandelingen vanuit het basis ziektekostenverzekeringspakket bij de ziekte van Lyme of bij persisterende Lyme geassocieerde klachten zeer wenselijk blijft.

Het gaat hierbij om antibiotica behandelingen die in duur, toedieningsvorm en/of medicatiecombinaties af kunnen wijken van de definitieve CBO richtlijn van 2013, maar binnen de conceptversie van de CBO richtlijn van oktober 2011 blijven vallen. In deze concept richtlijn, die onderschreven werd door de NVLP en de Lyme experts van het Radboudumc, stond de aanbeveling om “bij behandeling van een patiënt met chronische Lyme-geassocieerde klachten zonder aantoonbare organische afwijkingen alle mogelijke verklaringen en behandelingen met de patiënt te bespreken waarbij de klinische waarschijnlijkheid dat er een actieve Lyme-infectie bestaat uitgangspunt kan zijn”. In de consensustekst van deze concept CBO richtlijn deed de richtlijncommissie geen uitspraak voor of tegen behandeling.

De NVLP en STZ onderschrijven nog steeds bovengenoemde aanbeveling en niet de aanbeveling voor patiënten met de ziekte van Lyme en persisterende klachten zoals verwoord staat in paragraaf 4.3.3. van de definitieve versie van de CBO richtlijn uit 2013. Daarin wordt geadviseerd om deze patiënten uit te leggen dat “als er geen organische oorzaak is gevonden, dat het onwaarschijnlijk is dat de klachten worden veroorzaakt door een actieve infectie met de Borrelia burgdorferi, dat langdurige behandelingen met antibiotica in deze situatie geen effect hebben laten zien en dat antibiotische behandeling daarom geen standaardbehandeling is. Daarnaast wordt geadviseerd na te gaan of verlichting mogelijk is door het aanpakken van psychologische en sociale factoren”.
Consultatie standpunt Lyme Borreliose NVLP en STZ

Wat is het gevolg van het standpunt Zorginstituut?
Met het standpunt van Zorginstituut Nederland verandert er niet zoveel aan de huidige praktijk. De zorgverzekeraars stonden namelijk al op het standpunt dat dergelijke behandelingen niet voldeden aan de stand van de wetenschap en praktijk en vergoeden dergelijke behandelingen dus al niet. Artsen blijven nog steeds bevoegd te behandelen naar eigen inzicht alleen zal een afwijkende behandeling niet vergoed worden door de zorgverzekeraar, echter de controle op waar orale antibiotica voorgeschreven voor wordt, is niet aanwezig.

De gang naar de rechter blijft wel gewoon open omdat de rechter al eerder heeft bepaald dat het Zorginstituut Nederland in privaatrechtelijke rechtsgeschillen niet bepaald wat de stand van de wetenschap en praktijk is maar dat aan haar mening wel een zwaarwegend belang toekomt.

Aangepast: 29 augustus 2016