Andere tekenbeetziekten

Andere tekenbeetziekten dan de ziekte van Lyme

Naast de mogelijkheid dat teken verschillende Borrelia stammen bij zich dragen (Borrelia burgdorferi, B. afzelii, B. garinii, B. valaisiana, B. bavariensis en meer) kan een teek besmet zijn met vele andere bacteriën, virussen, parasieten en andere micro-organismen die bij overdracht tot ziekte kunnen leiden. In de meeste gevallen uit zich dit in koorts binnen enkele weken na de tekenbeet.

Chinese onderzoekers vonden bij analyse van harde teken maar liefst 237 verschillende bacteriën die waarschijnlijk via een tekenbeet kunnen worden overgebracht op de gastheer [1]. Dit is dan nog zonder de virussen, parasieten etc. De meeste van die micro-organismen zijn waarschijnlijk niet schadelijk voor de mens, maar in veel gevallen is daar niets of nauwelijks iets over bekend.

Andere tekenbeetziekten in Nederland

In Nederland is onderzoek gedaan naar het voorkomen van bepaalde ziekteverwekkers in teken waaruit bleek dat ongeveer de helft van de teken één of meerdere van de onderzochte micro-organismen bij zich draagt [2].

Naast de Borrelia bacterie die bij gemiddeld 29,3% van de teken wordt aangetroffen, werden de volgende mico-organismen gevonden: een andere bacterie (Anaplasma phagocytophilum bij 1%, Borrelia miyamotoi bij 2,3%, Neoehrlichia mikurensis bij 5,4%, Rickettsia helvetica of Rickettsia monacensis bij 22,5%), een parasiet (verschillende Babesia soorten bij 3,5%) en het teken-encefalitisvirus (TBEV/FSME) bij < 0.1% [2,3].

Ook werd gezien dat ruim een derde van de teken die de Borrelia burgdorferi s.l. bij zich draagt óók besmet is met minstens één ander micro-organisme. De besmettingsgraad heeft net als bij de Borrelia bacterie grote lokale verschillen.

Andere ziekteverwekkers die in teken zijn aangetoond zijn Bartonella, Mycoplasma, Francisella/Tularemie en Coxiella (de veroorzaker van Q-koorts). Deze infecties hebben belangrijke andere manieren van overdracht. Over de vraag of Bartonella kan worden opgelopen door een tekenbeet is geen overeenstemming. Wel horen wij regelmatig van patiënten bij wie, naast de ziekte van Lyme, sprake is van een Bartonella-infectie. Meer onderzoek is dringend gewenst.

Naast infecties kan een tekenbeet ook andere aandoeningen veroorzaken. In Nederland komt het alfa-galsyndroom voor: een allergie voor vlees en vleesproducten.

Hoe vaak komen andere tekenbeetziekten voor?

Het is niet duidelijk hoe vaak andere tekenbeetziekten dan de ziekte van Lyme bij mensen in Nederland voorkomen. Ze worden vaak niet herkend en de diagnostische mogelijkheden zijn beperkt. Van de meeste van deze tekenbeetziekten zijn in Nederland slechts enkele of geen patiënten gedocumenteerd.

Daarnaast kunnen veel van deze micro-organismen voor symptomen zorgen die onterecht voor de ziekte van Lyme worden aangezien. Meestal wordt er geen onderzoek naar andere tekenbeetziekten gedaan, waardoor ze onder de radar blijven. De antibioticatabletten die doorgaans bij de ziekte van Lyme worden gebruikt kunnen ook worden ingezet bij Borrelia miyamotoi, neoehrlichiose, anaplasmose en rickettsiose, maar helpen niet tegen bijvoorbeeld babesiose en het TBE-virus.

Niet iedere beet van een besmette teek leidt tot ziekte

Niet iedere beet van een besmette teek leidt tot een besmetting, en bij de meeste mensen leidt een besmetting vaak niet daadwerkelijk tot klachten of ziekte. Van mensen met een ernstig verstoorde of onderdrukte afweer (immuungecompromitteerd) is bekend dat tekenbeet-infecties ernstig kunnen verlopen. Bij mensen die een andere (tekenbeet)infectie naast de ziekte van Lyme hebben, spreken we van een co-infectie. Sommige co-infecties kunnen de genezing van Lymepatiënten ernstig bemoeilijken.

Onderzoek dat gedaan is naar zes verschillende ziekteverwekkers bij mensen na een tekenbeet, toonde aan dat deze bij ongeveer 1 op de 40 mensen (2,4 - 2,7%) werden gevonden middels een PCR test [2]. De zestien mensen uit het onderzoek die een besmetting hadden opgelopen, werden drie maanden gevolgd en vertoonden geen symptomen. Een PCR test heeft een beperkte gevoeligheid waardoor het werkelijke aantal mensen die een besmetting oplopen waarschijnlijk hoger ligt.

Kortom: denk ook aan andere tekenbeetziekten

Terwijl de ziekte van Lyme, en tot op zekere hoogte ook het TBE-virus bij artsen bekend is, geldt dit in veel mindere mate voor de andere door teken overdraagbare ziekten.

Recentelijk is in de NHG-behandelrichtlijn voor huisartsen opgenomen dat bij koorts enkele weken na een tekenbeet ook moet worden gedacht aan andere tekenbeetziekten en dat hierover contact met het Lymeziekte-expertisecentrum kan worden opgenomen. Ook bij aanhoudende klachten na de behandeling van de ziekte van Lyme moet worden gedacht aan een andere door teken overgedragen ziekte en aanvullend onderzoek worden gedaan.

Er is verhoogde bewustwording bij artsen en arts-microbiologen nodig van de mogelijkheid van andere door teken overdraagbare infectieziekten. Ook zijn ontwikkeling en validatie van nieuwe laboratoriumtests nodig en prospectieve studies waarbij zowel bij de teek als de mens de ziekteverwekkers geïsoleerd worden. Zo kunnen meer patiënten worden opgemerkt en in kaart worden gebracht en wordt bijgedragen aan een betere inschatting van de maatschappelijke en klinische impact van andere tekenbeetziekten.

Ga hier terug naar het overzicht, voor informatie per tekenbeetziekte.

Bronnen:

[1] Zhang XC, Yang ZN, Lu B, Ma XF, Zhang CX, Xu HJ. The composition and transmission of microbiome in hard tick, Ixodes persulcatus, during blood meal. Ticks Tick Borne Dis. 2014 Oct;5(6):864-70. doi: 10.1016/j.ttbdis.2014.07.009. Epub 2014 Aug 20.

[2] Jahfari S. et al. Molecular Detection of Tick-Borne Pathogens in Humans with Tick Bites and Erythema Migrans, in the Netherlands. PLoS Negl Trop Dis. 2016 Oct 5;10(10):e0005042. doi: 10.1371/journal.pntd.0005042. eCollection 2016 Oct.

[3] Hoornstra D., Sprong H., Hovius J.W. Andere tekenbeetziekten.
Ned Tijdschr Geneeskd. 2020;164:D4603

Ticking on Pandora’s Box; onderzoek van Amsterdam UMC en RIVM naar andere door teken overdraagbare aandoeningen.

Infektiologische Differentialdiagnose der chronischen Lyme-Borreliose und sogenannte Coinfektionen. Uit het Lehr-Buch Lyme-borreliose door Dr. med. W. Berghoff (2016)

Laatst gewijzigd: 10 apr. 2021